Flarden
Straks, als de wind komt en mij wegblaast, meeneemt, flarden van mij achterlaat in de boom, over het water, op een dak in een dorp vlakbij. Kun jij me dan nog vinden als je zoekt? Wil je dan nog naar me zoeken? Je kunt ook nu naar me reiken, ons lijmen zodat geen flard ontsnappen kan. Zodat als de wind komt, ik stevig sta, verankerd in jouw armen. Niets van ons wat vliegen zal, verdwijnen zal in boom, over water, tot op een dak in een dorp vlakbij. Wij zullen blijven. Samen blijven in hier en nu en zo meteen. Lief, kom en reik naar mij zodat ik jou bereiken kan.


